KenniscentrumAlgemene gynaecologieBehandelingen › Therapeutische hysteroscopie › Therapeutische hysteroscopie

Therapeutische hysteroscopie

Een therapeutische hysteroscopie is een operatie in de baarmoederholte via een hysteroscoop (kijkbuis). De hysteroscoop wordt via de baarmoederhals in de baarmoederholte gebracht. Een therapeutische hysteroscopie wordt onder andere toegepast voor:
  • het verwijderen van myomen in de baarmoederholte;
  • verwijderen van poliepen in de baarmoederholte (goedaardige uitstulpingen in het baarmoederslijmvlies);
  • het verwijderen van een spiraaltje, waarvan het touwtje niet te zien is.

Voorbereiding op de ingreep

De behandeling vindt plaats op het Operatiecentrum. Dit wordt via de polikliniek afgesproken. Soms is er een voorbehandeling nodig om het slijmvlies van de baarmoederholte zo dun mogelijk te maken. U krijgt dan één maand voor de operatie een injectie, die u tijdelijk in de overgang brengt. Tijdens de overgang is het baarmoederslijmvlies namelijk erg dun.

Verloop van de ingreep

De behandeling wordt uitgevoerd onder narcose of verdoving met een ruggenprik. Via de vagina en baarmoederhals wordt de hysteroscoop in de baarmoederholte gebracht. Door de hysteroscoop kunnen instrumenten worden ingebracht, waarmee de ingreep kan worden uitgevoerd. Na afloop van de ingreep gaat u terug naar de afdeling.
Voor een kleine ingreep wordt u één dag opgenomen in het ziekenhuis. Als er bijvoorbeeld een groot myoom wordt verwijderd, blijft u vaak één nacht in het ziekenhuis.
Na de ingreep ontstaat een pijnlijk gevoel onder in de buik. Ook is er vaak sprake van bloedverlies. De hoeveelheid en de duur van het bloedverlies hangen af van de soort operatie.

Complicaties

Zoals bij iedere operatie, kunnen ook bij therapeutische hysteroscopie complicaties optreden. Gelukkig gebeurt dit niet vaak.
De belangrijkste complicaties zijn:
  • Perforatie. Er ontstaat een gaatje in de wand van de baarmoeder. Meestal geneest dit vanzelf. Soms is een laparoscopie (kijkoperatie in de buik) nodig om het gaatje te hechten. In zeer zeldzame gevallen kan op deze manier schade aan de darm of blaas ontstaan. Dit vergt extra zorg en een langere ziekenhuisopname.
  • Overvulling. Tijdens de ingreep wordt de baarmoederholte opengehouden door continue vochttoediening. Bij een grote ingreep, zoals bij het verwijderen van een groot myoom, kan er vocht in de bloedbaan komen. De operatie moet dan worden afgebroken. Na de operatie is extra controle nodig. Soms wordt een plaspil gegeven om het vocht weer kwijt te raken.
Meer informatie is te vinden in de folder Therapeutische hysteroscopie


Deel deze pagina: