Overslaan en naar de inhoud gaan
search

De strijd tegen baarmoederhalskanker

Hogere vaccinatiegraad en meer deelname bevolkingsonderzoek hard nodig

Gepubliceerd op: 02 november 2021

In Nederland komt baarmoederhalskanker beduidend meer voor dan in de ons omringende landen. We weten precies waardoor dat komt: onze vaccinatiegraad bij meisjes is lager en minder vrouwen doen mee aan het bevolkingsonderzoek. Was dat wel in orde, dan zou in ons land baarmoederhalskanker nauwelijks meer voorkomen, zoals dat in België inmiddels het geval is.

“Baarmoederhalskanker, oftewel cervixcarcinoom, is een ziekte die zich heel langzaam ontwikkelt. Daardoor ben je er bijna altijd op tijd bij als je regelmatig aan het bevolkingsonderzoek meedoet, dus een uitstrijkje laat maken”, vertelt gynaecoloog Kirsten Smeets. Inmiddels weten we dat baarmoederhalskanker wordt veroorzaakt door het HPV-virus (humaan papillomavirus).
“Ruim tien jaar geleden zijn we in Nederland gestart met het vaccineren van meisjes tegen het HPV-virus”, weet Kirsten Smeets. “Bij veel ouders en hun dochters waren er destijds twijfels over de effectiviteit van de vaccinatie en was er angst voor bijwerkingen. Daardoor zagen ze af van vaccinatie. Jammer, want baarmoederhalskanker is de enige kankersoort waartegen je je met een vaccinatie kan beschermen. We zijn nu een tijd verder en weten inmiddels dat de vaccinatie tegen HPV zeer effectief en veilig is, en groepsbescherming biedt. Echter, onze vaccinatiegraad bij meisjes is veel lager dan in omringende laden, waardoor het aantal ziektegevallen bij ons beduidend minder gedaald is.”

Gynaecoloog Kirsten Smeets. © Slingeland Ziekenhuis
Een model van de vrouwelijke voortplantingsorganen. Het pijltje wijst naar een afwijking in de baarmoederhals.
Een model van de vrouwelijke voortplantingsorganen. Het pijltje wijst naar een afwijking in de baarmoederhals.© Slingeland Ziekenhuis

HPV-virus 

Het HPV-virus is een seksueel overdraagbaar virus. “Tachtig procent van de seksueel actieve mannen en vrouwen draagt het virus bij zich. Van de meesten is het lichaam in staat het virus op te ruimen. Slechts een klein deel kan dat niet (bijvoorbeeld door roken). Deze mensen lopen risico op baarmoederhalskanker. Of op een andere vorm van kanker die dit virus veroorzaakt, zoals kanker in de vagina, schaamlippen, anus, penis, mondholte, keel en slokdarm.” Na vaccinatie hebben vrouwen 75 procent minder kans om baarmoederhalskanker te krijgen, mits je dit doet voordat je het virus via seks krijgt. “Daarom krijgen de meisjes van twaalf jaar een uitnodiging voor vaccinatie “, legt Kirsten Smeets uit. “Zij krijgen twee keer een vaccinatie in de bovenarm, met een tussenpoos van zes maanden. Meisjes van vijftien jaar en ouder krijgen drie keer een vaccinatie. Daarnaast is er een advies van de Gezondheidsraad om vanaf 2021 ook jongens te gaan vaccineren tegen HPV.”

 “De vaccinatiegraad moet echt omhoog en veel meer vrouwen moeten gehoor geven aan de oproep van het bevolkingsonderzoek.”

Bevolkingsonderzoek

Ben je besmet met het HPV-virus en lukt het je lichaam niet om het zelf op te ruimen? Dan kan zich op de lange termijn (tien tot vijftien jaar) baarmoederhalskanker ontwikkelen. “Daarom krijgen vrouwen vanaf de leeftijd van dertig jaar een oproep voor het bevolkingsonderzoek”, zegt Kirsten Smeets. Voor het bevolkingsonderzoek wordt een uitstrijkje gemaakt door de huisarts. Daarbij worden met een borsteltje wat cellen uit het slijmvlies van de baarmoederhals weggenomen. In het laboratorium wordt eerst getest op de aanwezigheid van HPV-typen. Blijk je daarbij positief voor HPV, dan wordt het uitstrijkje getest op afwijkende cellen. Worden er afwijkende cellen gevonden, dan volgt verwijzing naar de gynaecoloog. “Maar dit hoeft nog niet te betekenen dat je baarmoederhalskanker hebt”, merkt Kirsten Smeets op.
De gynaecoloog kijkt met een microscoop (een zogeheten colposcoop) naar de baarmoederhals. Via een beeldscherm kan de gynaecoloog zoeken naar verdachte plekjes op de baarmoederhals en een biopsie doen (stukje weefsel wegnemen) voor nader onderzoek. Over de uitslag en eventueel vervolgonderzoek wordt de vrouw gebeld. Afwijkende cellen kunnen duiden op een voorstadium van baarmoederhalskanker, dat goed is te behandelen. “Verdere ontwikkeling van de kanker kan dan gestopt worden door het verwijderen van het weefsel met de afwijkende cellen”, vertelt Kirsten Smeets. “Door het verwijderen van een stukje weefsel van de baarmoederhals kun je erger voorkomen. Dit is een kleine ingreep op de operatiekamer, onder plaatselijke verdoving. Laat je regelmatig een uitstrijkje maken door gehoor te geven aan de oproep voor het bevolkingsonderzoek, dan ben je er op tijd bij.

Noodklok luiden

“Diverse deskundigen luiden de noodklok met betrekking tot baarmoederhalskanker in Nederland. Ik sluit me daar volledig bij aan”, zegt Kirsten Smeets. “De vaccinatiegraad moet echt omhoog en veel meer vrouwen moeten gehoor geven aan de oproep van het bevolkingsonderzoek. Daarmee is veel onnodig leed te voorkomen.”

Maak je eigen uitstrijkje

Sommige vrouwen vinden het vervelend om een uitstrijkje te laten maken en doen daarom niet mee aan het  bevolkingsonderzoek. Maar u kunt het ook eenvoudig zelf doen. Ga daarvoor (na uitnodiging voor het bevolkingsonderzoek) naar de website van het RIVM (www.rivm.nl) en zoek op ‘zelfafnametest bevolkingsonderzoek baarmoederhalskanker’. Daar kunt u een setje aanvragen voor een zelfafname, die u daarna kunt opsturen voor onderzoek. Net als het uitstrijkje bij de huisarts is dat geheel gratis.

Laatst bijgewerkt op: 02 mei 2022

gynaecologie.jpg
Vrouwen geholpen door hersteloperatie bij verzakking