KenniscentrumAlgemene informatie › Verpleegafdeling B2 › Verpleegafdeling B2

Verpleegafdeling B2

Gynaecologie, verloskunde en kraamafdeling

De verpleegafdeling voor gynaecologie bevindt zich op verpleegafdeling B2. Op deze afdeling verplegen wij patiënten met een gynaecologische aandoening. Daarnaast bieden we verpleegkundige zorg tijdens en rondom de bevalling aan zwangere vrouwen, kraamvrouwen en pasgeborenen.
Op onze afdeling zijn niet alleen verpleegkundigen werkzaam, maar ook secretaresses, medewerkers gastenservice, laboranten, klinisch verloskundigen, fysiotherapeuten, verschillende artsen en natuurlijk de gynaecoloog die u behandelt.
Als u, eventueel samen met uw partner, een gesprek wilt hebben met de gynaecoloog die u behandelt, kunt u dit afspreken via de verpleegkundige.
De verpleegafdeling is telefonisch bereikbaar op telefoonnummer (0314) 32 92 81.

Contactpersoon

De verpleegkundige, die de zorg voor u heeft, licht uw naaste familie in over uw toestand of uw behandeling. Dit gebeurt uitsluitend in overleg met u en met uw toestemming. Het prettigste is het als één persoon namens de hele familie het contact onderhoudt. Dit om te voorkomen dat wij onnodig vaak dezelfde informatie moeten geven.

Pre-operatief spreekuur

Voorafgaand aan een operatie hebt u een gesprek met een anesthesioloog en een verpleegkundige. Dit noemen we het pre-operatief spreekuur. Tijdens dit spreekuur bespreekt de anesthesioloog met u of er nog aanvullend onderzoek nodig is voor de operatie (bijvoorbeeld bloedprikken of een hartfilmpje) en op welke manier hij u verdooft tijdens de operatie. Meer informatie over de manier van verdoven vindt u in de folder Anesthesie.

De verpleegkundige geeft uitleg over de opname en uw verblijf in het ziekenhuis. Ook legt de verpleegkundige uit wat u voor de operatie wel en niet mag eten en drinken.

De opname

In de week voordat u wordt opgenomen, krijgt u een brief van de afdeling Opname. Hierin staat het definitieve tijdstip waarop u in het ziekenhuis wordt verwacht.

Wat neemt u mee

  • Uw ponskaartje van het Slingeland Ziekenhuis met de juiste gegevens.
  • Alle medicijnen die u gebruikt, bij voorkeur in de oorspronkelijke verpakking of eventueel een medicijnkaart.
  • Naam en telefoonnummer van een contactpersoon.
  • Als u één of meerdere nachten in het ziekenhuis verblijft: nachtgoed, pantoffels, kamerjas en toiletartikelen.
  • Gemakkelijke kleding, bijvoorbeeld een wijde broek om na de operatie te dragen.
  • Een boek, tijdschrift of iets dergelijks.

Melden

U meldt zich op de afgesproken tijd bij de receptie, waarna u naar de afdeling B2 gaat. De verpleegkundige van de verpleegafdeling ontvangt u en houdt met u een opnamegesprek. Hij of zij legt u de gang van zaken op de afdeling uit, beantwoordt uw vragen en bereidt u voor op uw operatie, behandeling of onderzoek. De verpleegkundige brengt u naar de operatiekamer.

Na de operatie

Na de operatie gaat u naar de uitslaapkamer. Hier blijft u onder controle van de anesthesioloog tot het moment dat de verdoving is uitgewerkt. Zodra het kan, haalt de verpleegkundige u weer op. Na terugkomst op de afdeling begint u, afhankelijk van de ingreep, weer met drinken en/of eten. De verpleegkundige belt, als dit met u is afgesproken, uw contactpersoon om te vertellen hoe het met u gaat. U mag dan even bezoek ontvangen.

Als u na de ingreep klachten hebt, vertel dit dan aan de verpleegkundige. Hij of zij komt regelmatig bij u langs om te kijken of u iets nodig hebt. U kunt medicijnen krijgen tegen eventuele pijn of misselijkheid. Indien nodig controleert de verpleegkundige uw lichaamsfuncties, zoals het meten van uw bloeddruk, uw pijnscore of controle van het wondgebied.

Bezoek

De bezoektijden op verpleegafdeling B2 zijn als volgt: van 10.00 tot 20.00 uur, met in achtneming van rust voor de patiënt.

Te veel bezoek kan vermoeiend voor u zijn en soms ook hinderlijk voor de kamergenoten. Er zijn niet meer dan twee bezoekers tegelijkertijd per patiënt toegestaan. Als het groene ‘beletlampje' naast de deur brandt, mag het bezoek de kamer niet binnenkomen. Wij verzoeken het bezoek tevens om even de kamer te verlaten als de arts tijdens zijn of haar ronde bij de patiënt komt.

Ontslag

U mag met ontslag als uw behandelend specialist hiervoor toestemming geeft. Het moment van ontslag hangt af van uw conditie. Wij adviseren u met klem om niet zelf naar huis te rijden, zorg ervoor dat u gehaald wordt of neem een taxi.
Bij uw vertrek krijgt u:
  • informatie over de nazorg;
  • een afspraak voor controle bij de specialist;
  • een brief voor uw huisarts.
Indien van toepassing krijgt u ook recepten voor medicijnen of hulpmiddelen en/of instructies voor de wijkzorg.


Deel deze pagina: